Onderwerp:

Taakherschikking

Taakherschikking is het structureel herverdelen van taken en bijbehorende verantwoordelijkheden van medisch specialisten aan andere beroepen. Beroepen die in het kader van taakherschikking relevant zijn, zijn bijvoorbeeld de Physician Assistant, de Verpleegkundig Specialist, de ziekenhuisarts, de SEH-arts,de Klinisch Technoloog en de Bachelor Medisch Hulpverlener. Enkele van deze beroepen hebben de mogelijkheid om zelfstandig zorg te registeren en declareren. Dat betekent dat de positie van deze nieuwe beroepsgroepen binnen de instelling verandert, en uiteraard daarmee ook de samenwerking met de medisch specialisten. Medisch specialisten moeten goed geïnformeerd zijn over de bevoegdheden en verantwoordelijkheden van deze nieuwe beroepsbeoefenaren. De Federatie speelt hierin een belangrijke rol, met name ook bij de samenwerking met andere beroepsgroepen waar taakherschikking een belangrijk onderwerp is.

Taakherschikking Physician Assistant en Verpleegkundig Specialist

Verpleegkundig Specialisten en Physician Assistants zijn taakherschikkende beroepen. Er is een handreiking opgesteld voor de implementatie van taakherschikking aan verpleegkundig specialist (VS) en physician assistant (PA). De wetenschappelijke verenigingen zijn nauw betrokken geweest bij het opstellen van de KNMG Handreiking Implementatie Taakherschikking. Dit is een stappenplan om taakherschikking naar Physician Assistants (PA) en Verpleegkundig Specialisten (VS) binnen de beroepsuitoefening mogelijk te maken. Het doel van de handreiking is om ervoor te zorgen dat alle beroepsbeoefenaren die betrokken zijn bij taakherschikking, gezamenlijk tot een regeling komen over de handelingen die binnen het wettelijk kader vallen. De Handreiking is aangevuld op elementen rond kwaliteit van zorg en de opleiding van aios door een werkgroep met vertegenwoordigers van een aantal wetenschappelijke verenigingen.

Wet BIG

De PA en de VS zijn per 1 september 2019 definitief opgenomen in de Wet BIG. Hiermee hebben zij een zelfstandige bevoegdheid om enkele voorbehouden handelingen te verrichten. Er is besloten tot opname in de Wet BIG na een succesvolle experimenteerperiode. Dit geldt alleen voor routinematige (beperkt complexe) handelingen die vaak voorkomen en waarvan de risico’s te overzien zijn.