Aan de start: Longarts Daan Loth

Daan Loth was twee maanden longarts toen het coronavirus toesloeg. Hoe gaat hij om met de grote werkdruk? En zijn er persoonlijke missies bijgekomen? 

Zijn oudste coschap chirurgie was al geregeld, maar Daan Loth moest nog een aantal keuzeweken invullen. ‘Ik had al eerder een week meegelopen op een longafdeling, en besloot dat nog eens vier weken te doen. Leuk voor de ervaring. Maar het bleek véél leuker. Uiteindelijk heb ik daar óók mijn oudste coschap gevolgd.’

Waarom?
‘Ik vond het vak verrassend breed, ondanks dat je met maar één orgaan werkt. Van infectieziekten, oncologie tot aan auto immuunziekten, alles komt voorbij. Daarbij is longgeneeskunde zowel praktisch als beschouwend en vond ik het enthousiasme van vakgenoten aanstekelijk.’

Hoe lang zijn jouw werkweken gemiddeld?
‘Dat houd ik niet bij. Maar zonder weekenddiensten zal het neerkomen op zo’n vijftig uur per week.’

Heeft de coronacrisis daaraan iets veranderd?
‘Nee, de poliklinische zorg is afgeschaald vanwege corona, dat compenseert. Overigens sta ik niet alleen maar op de corona-afdeling; ik heb ook supervisie over de normale longafdeling. Als ik daar ben, gaat het coronagebeuren een beetje langs me heen, zeker nu het aantal nieuwe patiënten afneemt.’ 

Hoe ervaar je de huidige werkdruk?
‘Natuurlijk heb ik het nu soms drukker dan gemiddeld, maar ik zie dat niet als belastend. Rustige dagen werken bij mij averechts.’

Is de situatie voor jou vak-inhoudelijk wezenlijk anders?
‘We kennen het ziektebeeld nu minder goed en krijgen meer patiënten tegelijk. Maar inhou-delijk is mijn werk niet echt veranderd. We hebben ieder jaar een griepepidemie en krijgen vaker patiënten met ernstige infecties.’

Denk je dat de opleiding genoeg aandacht heeft besteed aan dit soort extreme situaties?
‘Daar kun je moeilijk op inspelen. Er zijn meer excessen denkbaar waarmee je rekening zou kunnen houden, denk maar aan een chemische ramp. De kans dát zoiets gebeurt, is klein en als zoiets eenmaal aan je deur klopt, blijkt het toch anders uit te pakken dan voorspeld.’

Wat heeft je in deze periode verrast?
‘De intensieve samenwerking met specialisten met wie ik normaal gesproken weinig te maken heb, zoals kaakchirurgen en oogartsen. Ineens werkten we samen aan één doel: coronapatiënten helpen. Heel bijzonder. Ik vond het daarbij gek om als piepjonge specialist supervisie te hebben over collega’s met veel meer werkervaring. In het grote gevoel van saamhorigheid gedroeg gelukkig niemand zich als de baas.’

Ben je in deze situatie anders feedback gaan geven?
‘Ik ben nog niet zo bedreven in het geven van feedback. Ik doe het wel, maar creëer dan liever een gelijkwaardige overlegsituatie.’

Wat heb je geleerd van ervaren specialisten?
‘Dat ze zich niet zo snel op de kast laten jagen, bijvoorbeeld.’

Wat doe je met verdriet?
‘Soms bespreek ik het met collega’s, of ik probeer het in de auto onderweg naar huis te verwerken, met muziek op de achtergrond. Ik heb een uitgebreide Spotify-speellijst, met Sam Feldt en Duke Dumont tot aan de Stones en klassieke muziek. Ik kan het goed van me afzetten.’

Welk werkaspect van vóór de coronacrisis ben je anders gaan bekijken?
‘Ik moet wennen aan de telefonische spreekuren. Daar-- door ben ik nóg meer waarde gaan hechten aan persoonlijk patiëntencontact. Maar aan de andere kant merk ik ook dat een deel van de spreekuren juist wél telefonisch kan.’

Als je kijkt naar samenwerking met verplegend personeel, welk aspect is dan ten goede veranderd?
‘Lastig te zeggen, als supervisor blijf je toch een beetje een passant.’

Zijn er persoonlijke uitdagingen en missies bijgekomen door de crisis?
‘Er komt niet iedere dag een nieuwe ziekte voorbij. Waarom worden sommige patiënten ernstig ziek en zijn anderen alleen verkouden? Dat wil ik graag onderzoeken.’

Zijn er ook missies uitgesteld?
‘We waren een behandelcentrum voor interstitiële longziekten aan het opzetten. Door het corona-virus heeft dat even stilgelegen, maar inmiddels zijn we hier weer hard mee bezig.’

Wat is de belangrijkste vraag die je jezelf stelt? 
‘Hoe lang gaat dit nog duren? Dat houdt me bezig, vooral als ik op de IC sta bij een patiënt die op zijn buik aan de beademing ligt. Wanneer komt het normale weer terug?’


Daan Loth:

  • Longarts in Amphia Breda
  • Geboren in Breda op 24 juni 1984
  • Studeerde geneeskunde in Rotterdam (2002-2009) 
  • Vier jaar promotie-onderzoek aan het Erasmus MC 
  • Begon in 2013 als anios longgenees-kunde in Amphia en startte daar in 2014 met de opleiding tot longarts
  • Is getrouwd en heeft twee kinderen
  • Houdt van luisteren naar muziek in de auto
  • Serie die hij nu liever niet kijkt: Pandemic

Download het artikel als pdf 
Lees meer artikelen uit het magazine