Nieuwe kennisagenda’s reumatologie en orthopedie

29 januari 2019

Kan e-health inderdaad bijdragen aan betere zorg voor reumapatiënten en meer zorg op de juiste plek en lagere zorgkosten realiseren? Is een spreidbroekje eigenlijk wel de beste optie bij baby’s met een milde vorm van heupdysplasie? Deze en andere onderzoeksvragen komen aan bod in de nieuw gelanceerde kennisagenda’s van de orthopeden en de reumatologen. Ze bevatten de belangrijkste vragen uit de dagelijkse praktijk die nader onderzocht moeten worden.

E-health in de reumatologie: juiste zorg op de juiste plek

De reumatologen willen onder andere onderzoeken wat de waarde is van e-healthinterventies, vergeleken met de huidige zorg bij patiënten met een inflammatoire reumatische ziekte. Willem Lems, reumatoloog en werkgroepvoorzitter: “E-health is een veelbelovende ontwikkeling. Een afname van het aantal consulten door inzet van e-health kan de druk op de zorg verlagen. Het kan bijdragen aan meer zorg op de juiste plek én de zorgkosten omlaag brengen. Door slimme inzet van bijvoorbeeld telemonitoring kunnen we de kwaliteit van zorg ook nog verbeteren. Op dit moment worden dit soort toepassingen in de reumatologie nog spaarzaam gebruikt. Er is overtuigend bewijs nodig om zorgverleners tot een aanpassing van hun werkwijze te laten komen. Met het onderzoek willen we duidelijkheid geven over de meerwaarde van e-health bij deze aandoening.”

Orthopedie: wel of geen spreidbehandeling bij baby’s?

De orthopeden hebben hun eerder gepubliceerde onderzoeksagenda uit 2015 aangevuld. Als  eerste wetenschappelijke vereniging kiezen zij voor een webomgeving om hun onderzoeksvragen te presenteren. Rudolf Poolman, orthopeed en werkgroepvoorzitter: “Een van de vragen waar wij graag antwoord op willen: moeten baby’s met een milde vorm van heupdysplasie (DDH Graf type 2) wel of geen spreidbehandeling krijgen? Belangrijk om te weten, want niet-adequate behandeling leidt op volwassenleeftijd tot pijn, invaliditeit en/of vroege artrose van de heup. De behandeling bestaat momenteel uit het dragen van een spreidbroek. Hiermee wordt de heupkop optimaal in de kom gebracht waardoor het heupgewricht zich zo goed mogelijk kan ontwikkelen. Maar we zien ook gevallen waarbij milde DDH zich zonder spreidbroekje kan ontwikkelen tot een normaal heupgewricht. Over de optimale behandeling bestaat echter nog geen internationale consensus. Met dit onderzoek willen we hier duidelijkheid over krijgen.”

Van kennisagenda naar betere zorg

Om meer kennis te vergaren over de beste zorg bij specifieke aandoeningen, zijn bijna alle wetenschappelijke verenigingen gestart met zorgevaluatie-onderzoek. De eerste stap daarin is het opstellen van een kennisagenda, samen met patiëntenverenigingen. De resultaten van deze onderzoeken worden verwerkt in richtlijnen, die arts en patiënt ondersteunen bij het samen beslissen in de spreekkamer. Op die manier draagt zorgevaluatie bij aan steeds betere zorg.

Het Kennisinstituut van de Federatie begeleidt wetenschappelijke verenigingen bij de ontwikkeling van de kennisagenda’s. Meer informatie hierover vind u hier.