Medisch Contact: ‘De sneeuwbal van zorgevaluatie rolt alsmaar harder’

13 mei 2019

Welke behandeling is het meest effectief bij een bepaalde aandoening? Met zorgevaluatie onderzoek krijgen de wetenschappelijke verenigingen steeds meer inzicht in deze vraag. Peter Paul van Benthem, kno-arts en bestuurslid Federatie Medisch Specialisten, in een interview in Medisch Contact: ‘het evalueren van de effectiviteit van behandelingen is onontbeerlijk om de kwaliteit van medisch-specialistische zorg te verbeteren. We zijn aan het begin van het weten; we zijn nog niet klaar.’

Zorgevaluatie is aan een opmars bezig. Iedereen vindt het belangrijk, maar hoe ga je het organiseren en financieren? En wie heeft welke verantwoordelijkheid? In 2016 kwam de Federatie met een adviesrapport om de discussie met de wetenschappelijke verenigingen hierover aan te gaan. Sindsdien zijn de meeste wetenschappelijke verenigingen (met ondersteuning van het Kennisinstituut van de Federatie) gestart met het opstellen van kennisagenda’s die hun belangrijkste kennishiaten in beeld brengen.

Op de politieke agenda

Maar er is meer nodig om zorgevaluatie structureel op poten te krijgen. De Federatie bracht zorgevaluatie als onderwerp in het hoofdlijnenakkoord voor medisch-specialistische zorg, waarmee het daadwerkelijk op de politieke agenda kwam. Minister Bruno Bruins (Medische Zorg) maakte onlangs bekend dat hij jaarlijks 10 miljoen euro beschikbaar stelt voor het programma ‘Zorgevaluatie en Gepast Gebruik’. Het ministerie van VWS stelde Sjoerd Repping, hoogleraar zinnige zorg, aan als kwartiermaker bij Zorginstituut Nederland. Momenteel worden er onder zijn leiding gesprekken gevoerd met artsen, ziekenhuizen, zorgverzekeraars en patiëntvertegenwoordigers om boven water te krijgen wat er nodig is om zorgevaluatie goed van de grond te krijgen en te zorgen dat het een vanzelfsprekend onderdeel wordt van de zorg.

Implementatie

En dan is er nog de volgende uitdaging: zorgen dat de onderzoeksresultaten snel en goed landen in de praktijk. Volgens Hanna Willems, klinisch geriater en voorzitter van het zorgevaluatieproject Leading the Change, is gedragsverandering daarbij een lastige component. Willems: ‘Een studieresultaat dat zegt dat een arts beter iets anders kan doen, zal sneller zijn weg naar de praktijk vinden dan een resultaat dat zegt dat een arts iets moet laten.’

Wie doet wat?

Bij zorgevaluatie zijn veel partijen betrokken. Wie zou welke rol moeten hebben? Van Benthem: ‘Artsen dragen wat hun betreft hun steentje bij met kennisagenda’s en het verzamelen van data. Ziekenhuizen zijn aan zet om ervoor te zorgen dat zij de infrastructuur leveren om onderzoek uit te voeren. De Nederlandse Zorgautoriteit zou kunnen helpen door een ‘zorgevaluatie-dbc’ in het leven te roepen.’ 

Lees het volledige artikel in Medisch Contact (account nodig)