De rol van wetenschappelijke verenigingen bij (vermeend) disfunctioneren

18 oktober 2012

Een vol zaaltje op een dinsdagavond in de Domus Medica: een groot aantal belangstellenden is afgekomen op een invitational conference om met elkaar van gedachte te wisselen over de rol die een wetenschappelijke vereniging zou kunnen hebben bij een (vermeend) disfunctioneren van medisch specialisten. Onder voorzitterschap van Frank van Oosterhout, orthopedisch chirurg en voorzitter visitatiecommissie van de Nederlandse Orthopaedische Vereniging, hield een drietal sprekers een verhaal.

Martin Taphoorn, neuroloog en voorzitter Commissie Neurologische professionaliteit gaf een toelichting op de procedure die de Nederlandse Vereniging Neurologie (NVN) sinds november vorig jaar opgetuigd heeft om het vermeende disfunctioneren van collegae te onderzoeken. De NVN heeft vooralsnog besloten zich hierbij te beperken tot het medisch inhoudelijk handelen van de individueel vermeend disfunctionerende neuroloog. “Uiteraard zijn andere kerncompetenties ook van groot belang voor het goed functioneren van een medisch specialist,” aldus Taphoorn. “Maar ik acht ons daar op dit moment niet capabel voor om daar een oordeel over te vellen.”

Ziekenhuisbestuurder en voormalig anesthesioloog Hans Kerkkamp vertelde de aanwezigen waar een raad van bestuur behoefte aan heeft bij een mogelijk disfunctionerend medisch specialist. “Het is voor ons van groot belang om een objectieve uitspraak over het functioneren van een medisch specialist te krijgen. Daar heeft een wetenschappelijke vereniging een heel belangrijke rol in. Wij beschikken als ziekenhuis over te weinig inhoudelijke kennis.” Kerkkamp zag een mogelijke rol weggelegd voor Orde van Medisch Specialisten samen met de wetenschappelijke verenigingen om deze externe toetsing uit te voeren. 

 De laatste spreker was Peter Kitslaar, chirurg en secretaris van de Advies en Bemiddelingscommissie (ABC) van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde. De focus van zijn verhaal was op het voorkómen van ernstig disfunctioneren door het adviseren en bemiddelen bij maatschappen met problemen. De ABC-commissie heeft sinds de oprichting in 2008 14 trajecten afgerond waarvan 12 met redelijk tot goed succes. Kitslaar ziet er niet zoveel heil in dat de ABC-commissie zich buigt over vermeend disfunctionerende collegae. “Als er sprake is van vermeend disfunctioneren dan nemen we de hele maatschap onder de loep en niet alleen de individuele medisch specialist”.