Brief woensdag 8 april van minister De Jonge aan Tweede Kamer

9 april 2020

De piek van het aantal nieuwe IC-opnames per dag lijkt bereikt te zijn. Het aantal nieuwe ziekenhuisopnames van COVID-19 patiënten stabiliseert. Minister de Jonge van VWS heeft de Tweede Kamer hierover geïnformeerd in een brief over de coronacrisis. De piek van de totale bezetting op de IC wordt medio april verwacht en wordt geschat op circa 1.800 bedden. Dit aantal ligt onder het maximale aantal beschikbare IC-bedden van 2.400. In de brief gaat de minister verder in op het testbeleid, het hervatten van reguliere zorg en scenario’s voor de versoepeling van huidige maatregelen.

Inzet op maximale IC-capaciteit

Ondanks de positieve cijfers worden er voorbereidingen getroffen voor een eventuele stijging van het aantal IC-patiënten.  Het Landelijk Centrum voor Patiënten Spreiding (LCPS) heeft hiervoor inzicht gekregen in de Duitse IC-capaciteit. De ROAZ-en onderzoeken of gespecialiseerde traumacentra kunnen worden ingezet voor meer IC-bedden. Tot slot wordt ook het scenario uitgewerkt als het aantal IC-bedden onverhoopt ontoereikend is.

Reguliere zorg hervatten

Op verzoek van minister De Jonge zal de NZa een plan van aanpak opstellen voor de continuering van andere zorg dan COVID-19 zorg. De NZa zal hiervoor samen met zorgpartijen in beeld brengen wat de omvang is van zowel de terugval in zorg, als de uitgestelde zorg. Hierbij wordt er ook gekeken welke initiatieven al zijn ontstaan. De NZa zal ook de communicatie naar patiënten en burgers over reguliere zorg coördineren. De focus van de NZa ligt in eerste instantie op de medisch noodzakelijke planbare zorg, maar de aanpak betreft de hele curatieve zorg.

Testen, traceren, thuisblijven

Verder schrijft de minister aan de Tweede Kamer dat het Outbreak Management Team (OMT) het kabinet adviseert om te kijken naar de volgende fase van de crisis. Hiervoor moet vastgesteld worden wat er van personeel op de IC’s en ziekenhuiszorg op langere termijn kan worden gevraagd, gezien de huidige hoge belasting. Het test- en opsporingsbeleid moet verbeterd worden en gerichte maatregelen zijn nodig om kwetsbare groepen te beschermen. Onder deze voorwaarden kan er een nieuwe fase intreden waarbij maatregelen gerichter kunnen worden ingezet. Voor een beter test- en opsporingsbeleid wil het kabinet gebruik maken van apps om het virus te traceren en risicogroepen thuis te monitoren. Het kabinet roept alle sectoren daarnaast op om na te denken over hoe zij voor een langere periode kunnen opereren in de ‘anderhalve meter samenleving’.

Op 8 april kregen Kamerleden een technische briefing van Jaap van Dissel, directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding (CIb) van het RIVM, Diederik Gommers, anesthesioloog-intensivist en voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC) en Ronnie van Diemen – Steenvoorde, Inspecteur-generaal Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ).